Buitenren

De bevalling

DE BEVALLING

Op een gegeven moment krijgt de poes weeën en persweeën. Zorg dat je rustig bij de poes zit, en dat je goed gewassen en gedesinfekteerde handen hebt. Na eventjes zie je een vlies komen met hierin een hoofdje (in sommige gevallen zie je een staartje: stuitligging). Na een paar maal persen komt er een kitten met een vlies daaromheen ter wereld. Zorg dat moeders in de kist/doos blijft! Soms is het vlies niet gebroken en komt het kitten in het vlies naar buiten. Wanneer er geen beweging in zit, komt het wel eens voor dat moeder aan zo’n kitten geen aandacht besteedt, terwijl het toch niet dood hoeft te zijn. Maak in zo’n geval snel het vlies stuk en haal het kitten eruit. Meestal neemt moederpoes het dan wel weer over.

Ze zal het kitten nu helemaal schoonwassen en droog likken. Hierdoor wordt meteen ook de ademhaling gestimuleerd. Alleen ingrijpen als moeder niets met het kitten doet. Ze zal de navelstreng ook zelf doorbijten. Als moeder de navelstreng niet doorbijt, mag je helpen door met je nagels ongeveer 3 cm vanaf de buik van het kitten de navelstreng door te knijpen. Pas op niet trekken, dit veroorzaakt een navelbreuk. Het beste is om een navelstrengklem erop te zetten en dan aan de kant van de placenta de navelstreng met een gedesinfecteerde scherpe schaar af te knippen. Schaar desinfekteren als volgt: eerst handen wassen en dan de schaar daarna desinfecteren met 70% alcohol of Betadine jodium 10%. Dit desinfecteren moet je op het laatste moment doen anders heeft het geen zin.

Moeder eet de placenta op, dit is heel erg belangrijk voor haar voedingsstoffen en de melkproductie. Als moeder rustig is, kruipt het kitten waarschijnlijk direct naar de tepel. De allereerste melk is zeer belangrijk voor het kitten ( colostrum ). Indien de weeën doorgaan zonder dat er een kitten geboren wordt, wacht dan niet te lang ( niet langer dan een uur ) maar schakel een dierenarts in. Tel bij ieder kitten of er een placenta is meegekomen. Zo niet, dan moeten deze later alsnog allemaal komen. Gebeurt dit niet na enkele uren na de bevalling, schakel dan eveneens een dierenarts in. Kortom, bij twijfel over het welzijn van de moederpoes of 1 van de kittens, gelijk een dierenarts laten komen!

NA DE GEBOORTE:

Zorg voor veel rust in de kraamkamer, en ontvang de eerste 14 dagen geen gasten. Als de kittens door de verzorger worden opgepakt om te wegen of om het nest te verschonen moeten altijd eerst de handen gewassen worden met een desinfecterende zeep (Unicura). Ga niet zelf de navelstreng verwijderen!! Laat de natuur z’n gang gaan: de navelstreng verdwijnt vanzelf.

De moederpoes heeft de eerste dagen na de bevalling nog wat afscheiding. Hou in de gaten dat deze afscheiding niet vies gaat ruiken. Als dit het geval is neem contact op met je dierenarts. Let ook goed op dat moeder wel naar de kattenbak gaat. Sommige moeders willen hun nest niet verlaten om de bak te gebruiken. Zet moeder dan gewoon een keer op de bak, en zet deze in de buurt van de werpdoos of werpkist. Ook in de gaten houden dat moeder niet teveel haar nest verlaat: kittens raken dan onderkoeld.
Eten en drinken voor moeder dicht in de buurt zetten. Ze kan dan zorgeloos van haar broodnodige voeding genieten. Geef hoogwaardige voeding, en melk (Lactol, KMR of Litterlac – zie hieronder) en/of Nutrix pap aangemaakt met deze melk. Zorg in ieder geval voor voldoende drinken. Gedurende de zoogperiode kun je moeder eventueel kittenbrokjes als extra bijvoeding geven. Daar zit meer vet in, dus zorgt voor meer energie.

De kittens moeten minimaal 10 gram per dag aankomen. Koop dus een weegschaal die tot op de gram nauwkeurig weegt. Schrijf de geboortegewichten in een schriftje op, en ook de personalia van de kittens: hun geslacht en hun kleur. Zo hou je precies alles bij de komende weken. Weeg de kittens dagelijks op het zelfde tijdstip. Zodra een kitten niet goed aankomt of zelfs afvalt kan dit wijzen op een probleem. Schakel in dit soort gevallen wederom je dierenarts in. Als verder alles goed gaat dan hoef je verder alleen te zorgen voor een schoon nestje voor moeder en de kittens.

Na ± 10 dagen gaan de oogjes open. Blijf het gewicht goed in de gaten houden. Bij een groot nest kan het zijn dat je een beetje moet gaan bijvoeren . Hiervoor zijn uitstekende kittenmelken in de handel zoals Lactol, KMR (bij de dierenarts) of Litterlac (bij Spat). Zorg ook dat je flesjes met speentjes in huis hebt voor het geval moeder geen voeding heeft of niet wil voeden. Blijft een kitten wat achter zodat je moet gaan bijvoeren, voeg dan wat druivensuiker (Dextropur) opgelost toe aan de kittenmelk. Dextropur koop je bij drogist of apotheek.

Na een week of 4 à 5 kun je beginnen met het bijvoeden van vast voedsel. Het beste is Nutrix rijstepap met kittenmelk (zie merken hierboven). Zodra ze dat kunnen eten, kun je na een week heel langzaam beginnen een héél klein beetje blikvoer voor kittens door de pap te mengen. Doe dit héél geleidelijk. Per paar dagen meng je steeds meer vlees door de pap, net zo lang tot het alleen nog maar vlees is en geen pap meer. Op de leeftijd van 6 weken ga je door het blikvoer wat geweekte kittenbrokjes mengen. Steeds meer brokjes, minder vlees. Op de leeftijd van 12 weken eten de kittens bijna altijd ook harde brokjes.